Daag ze uit!

Regelmatig hoor ik: “De oudere kinderen zijn zo druk en maken er een bende van.” Maar wat als niet het kind, maar de inrichting van de ruimte de eerste plek is om naar te kijken?

Wat vertelt de inrichting van de kinderopvang over het spel van kinderen?

Als ik rondkijk op groepen in de kinderopvang, valt me vaak één ding op. De ruimtes zijn prettig ingericht, opgeruimd, netjes en verzorgd. Fijn, zou je denken. Maar ik vraag me dan regelmatig af: waar spelen de kinderen eigenlijk mee?

Tijdens het vrije spel op een verticale groep zie ik regelmatig allerlei spelmateriaal verspreid over de vloer. Een duidelijke lijn in het aanbod ontbreekt. Een omgevallen mandje met wat verdwaalde LEGO, een paar baby-rammelaars, een plastic boormachine, meerdere ballen en ergens nog een enkel autootje.

De jongste kinderen kruipen van het ene interessante stukje speelgoed naar het andere. De oudere kinderen rollen wat over de vloer of rennen achter elkaar aan door de ruimte. Echt verdiept spel zie ik maar weinig.

En wanneer het tijd is om aan tafel te gaan en de pedagogisch medewerker roept: “Kom, we gaan opruimen!”, volgt vaak een diepe zucht. Nog één keer omrollen, nog één rondje door de ruimte en dan begint het opruimen.

De ruimte lokt gedrag uit

Ik heb voor pedagogisch medewerkers die dit herkennen goed nieuws én slecht nieuws.

Het slechte nieuws? Het gedrag van kinderen wordt voor een deel uitgelokt door de omgeving die je voor ze creëert.

Het goede nieuws? Je kunt met diezelfde omgeving ook ander gedrag uitlokken.

Wanneer kinderen druk zijn, doelloos rondlopen of vooral veel speelgoed over de vloer verspreiden, is mijn eerste advies daarom niet: “Hoe krijgen we de kinderen rustiger?” Maar: “Wat vertelt onze ruimte ons?”

Kijk eens kritisch naar wat er wordt aangeboden, hoe het materiaal is opgesteld en welke mogelijkheden de ruimte biedt voor spel.

Daag kinderen uit op hun eigen niveau

Een goede inrichting van de kinderopvang zorgt ervoor dat kinderen van verschillende leeftijden zelfstandig kunnen spelen én worden uitgedaagd op hun eigen niveau.

Dat is vooral op een verticale groep een uitdaging. Je wilt dat de omgeving veilig is voor baby's en tegelijkertijd interessant blijft voor de oudere kinderen.

Wees daarom niet te bang om ook materiaal voor de oudere kinderen zichtbaar en bereikbaar aan te bieden. Je hoeft niet alles achter gesloten kastdeurtjes te verstoppen. Zoek naar slimme oplossingen.

Wij gebruiken bijvoorbeeld transparante potten met een draaidop voor materialen die voor jonge kinderen niet geschikt zijn. Zo blijft het materiaal zichtbaar en aantrekkelijk voor de oudere kinderen, terwijl het veilig wordt opgeborgen.

En opeens kan er veel meer.

Van kinderdagverblijf tot BSO en onderwijs

Dit principe geldt trouwens niet alleen voor een verticale groep. Ook in een BSO, kinderdagverblijf, onderwijsruimte of IKC bepaalt de inrichting voor een groot deel welke mogelijkheden kinderen zien om te spelen, leren en ontdekken.

Een leerplein binnen een IKC hoeft bijvoorbeeld niet alleen een plek te zijn waar kinderen wachten of rondlopen. Met een slimme indeling, passend materiaal en duidelijke plekken kan het uitnodigen tot samenwerken, zelfstandig werken, ontdekken of juist even terugtrekken.

De vraag is steeds hetzelfde:

Welk gedrag nodigt mijn ruimte uit?
Want een ruimte is nooit alleen de plek waar iets gebeurt. De inrichting stuurt, verleidt, begrenst en inspireert. De ruimte is de derde pedagoog.

‍
Voorbeeld van 'de ruimte als derde pedagoog' in de BSO >